Het verleden achter je laten en verdergaan? 2 van 3
Hallo allemaal,
Zoals we vorige week hebben besproken, had Paulus het gevoel dat zijn leven een ‘ektroma’ was geweest: een miskraam, een abortus, niet in overeenstemming met de rest van het lichaam van Christus. Dat is geen ongewoon gevoel, of het nu gaat om de geboortevolgorde onder meerdere kinderen, of misschien was je die ‘verrassingszwangerschap’ die je moeder had toen ze in de veertig was en heb je het gevoel dat ze je niet echt wilde, of misschien kende je de Heer, liep je weg en kwam je terug, met het gevoel dat je Gods wil voor het overgrote deel van je leven hebt gemist.
Er was een man die ik kende die in elk gesprek zijn verleden ter sprake bracht, worstelend om zichzelf te vergeven. Hij had de Heer gekend, was een paar jaar in de wereld, waarin hij de gebruikelijke wereldse dingen deed die wereldse mensen doen, en kwam daarna terug bij de Heer.
Hij worstelde niet met hoe zijn leven was voordat hij de Heer kende, hij worstelde met wat hij had gedaan sinds hij Hem kende. Hij kon zichzelf niet vergeven dat hij een tijdje van de heer weggelopen was. Uiteindelijk begreep ik het: hij had meer vertrouwen in zijn zonde dan in de vergeving van de Heer. Daarom zocht hij naar bijbelteksten die zijn angst ondersteunden. In plaats van te zoeken naar teksten over genade en vergeving, zocht hij naar alles wat sprak over veroordeeld worden en van de Heer afgekeerd worden. Hij zocht naar redenen waarom hij verworpen zou worden. Op een dag besefte ik dat hij meer vertrouwen had in zijn zonde dan in de reddende genade en vergeving van de Heer.
Toen hij dat inzag, veranderde alles. Hij bracht een eenvoudige verandering in zijn hart teweeg om te stoppen met tegen Gods liefde en vergeving in te gaan, en vond eindelijk vrede. Nu was zijn worsteling te geloven dat genade zo verbazingwekkend was; zo allesomvattend, zo ver boven elke zonde die hij had begaan, beging of zou kunnen begaan, dat hij overweldigd werd door tranen.
Hoe zouden we de diepte van Zijn genade kunnen kennen als we de diepte van onze zonde niet in ons geheugen zouden bewaren?
In Lucas 7:36-50, en met name de verzen 44-50, zien we dat Jezus aan het eten is bij een Farizeeër genaamd Simon. Er kwam een vrouw die Jezus' voeten met zalf zalfde, ze met haar haar afdroogde en Zijn voeten kuste.
Simon dacht dat als deze man een profeet was, Hij zou weten dat zij een zondares was. Jezus, die zoals zo vaak in Zijn onderwijs tegenstellingen gebruikte (en nog steeds gebruikt), zei tegen Simon: Je hebt mij bij binnenkomst in je huis niet het gebruikelijke water aangeboden om mijn voeten te wassen, maar zij heeft mijn voeten met haar tranen afgedroogd. Je hebt mij bij binnenkomst in je huis niet de gebruikelijke olie gegeven om me op te frissen, maar zij heeft mijn voeten met olie gezalfd. Je hebt me niet begroet met de gebruikelijke kus (op de wang) toen ik je huis binnenkwam, maar zij is niet gestopt met het kussen van mijn voeten.
In vers 47 merkte Jezus op: Haar is veel vergeven, dus heeft zij (Mij) veel liefgehad. Maar aan wie weinig vergeven is, die heeft (Mij) slechts een beetje lief. (Grieks woord ‘oligos’, nietig, klein)
Degenen aan wie de diepte van de zonde is vergeven, hebben de Heer evenredig lief. Dit betekent dat zij ook vaak worstelen met het zichzelf vergeven, OMDAT zij de diepte van hun zonde kennen. Dit is een goede zaak – want nu kennen wij genade, liefde en vergeving, en bewaren wij deze twee tegenstellingen in ons geheugen. Judas schreef in vers 4: "Maak de genade van God niet tot ‘losbandigheid’, of zoals we dat in modern Nederlands zouden zeggen: Maak de genade van God niet tot een vrijbrief voor zonde. Laten we de herinneringen aan ons verleden dicht bij ons hart houden, maar Zijn genade en liefde nog dichterbij. Het zijn Zijn genade en liefde die ons motiveren om een rechtvaardig leven te leiden.
Waarom laat God ons achter met de herinneringen?
Het lijkt inderdaad een tegenstrijdigheid; God vergeeft en vergeet, maar laat ons achter met onze levendige herinneringen in ons!
We kunnen lezen dat God vergeeft en vergeet, maar dat Hij ons om verschillende redenen onze herinneringen laat. Een daarvan is om van het verleden te leren, zodat we er niet naar terugkeren. In 1 Korintiërs 10:6 en 11 zegt Paulus dat de dingen die Israël overkwamen, als voorbeelden voor ons dienden, zodat we hun voorbeeld van ongeloof niet zouden volgen. We hebben onze herinneringen zodat ons verleden ons onze fouten en zonden kan laten zien, zodat we ze niet herhalen.
De meeste herinneringen hebben betrekking op mensen die ons pijn hebben gedaan of die wij pijn hebben gedaan, wat ons helpt onze geschiedenis te verwerken in het licht van de Bijbelse waarheid.
Het is het feit dat we zowel zonde als genade kennen, zowel verwonding als genezing, dat ons de middelen geeft om de wijsheid en de wil van de Vader in ons leven op de juiste manier te interpreteren. Als we alleen maar veroordeling kenden, zouden we alles wat tegen ons gezegd of gedaan wordt interpreteren als veroordeling, zelfbeschuldigingen, gevoelens van ontoereikendheid en het idee dat we altijd tekortschieten. Dat we genade en onvoorwaardelijke liefde kennen, stelt ons in staat om onze neiging om onszelf zonder reden te veroordelen, in evenwicht te brengen.
In 1 Johannes 3:19-21 zien we een waarheid die ik als tiener heb geleerd en waar ik sindsdien naar leef. "Hieraan weten wij dat wij uit de waarheid zijn en dat ons hart voor Hem verzekerd zal zijn; als ons hart ons veroordeelt, is God groter dan ons hart en weet Hij alle dingen. Als ons hart ons niet veroordeelt, hebben we zekerheid voor God." De kerkcultuur is zo doordrenkt van schuld en veroordeling die de schapen in het gareel houden en ervoor zorgen dat ze elke week terugkomen, dat die nieuwtestamentische waarheid ons vreemd lijkt, als een onbekende, nieuwe leer.
Maar als je gevoelig blijft voor je geest en de Geest van God in je wedergeboren geest, zul je, wanneer je gezondigd hebt, die steek in je geest voelen. Je zult dat zware gevoel voelen, die bedroefdheid in je geest. Je hoeft geen schuldgevoel te verzinnen, je zult het diep in je geest voelen. Het voelt als een blauwe plek in je geest, en je verstand merkt dat op en concludeert dat je iets verkeerds hebt gedaan, dat je gezondigd hebt. Concentreer je erop gevoelig te zijn voor Hem in je geest en besef dat Hij volledig in staat is je te laten weten wanneer je gezondigd hebt.
Misschien ben je wel de enige geredde persoon in je familie,
wat betekent dat de Vader je strategisch in jouw familie heeft geplaatst om voor hen te bidden. Maar de verantwoordelijkheid om voor hen te bidden rust niet simpelweg op je door je geboorte, maar door de goede en slechte herinneringen die je hebt opgedaan door in die specifieke familie geboren te worden. Je bent in die ongeredde familie geboren en vervolgens de eerste die wedergeboren werd, zodat God, je Vader, een voorbidder zou hebben die hen voor Hem zou brengen, opdat Hij ook hen zou redden. Je bent bijzonder. Je neemt een speciale plaats in binnen je familie en voor de Vader. Je hebt de meest volledige kennis van de goede, slechte en lelijke geschiedenis van je familie, en de Vader gebruikt dat zodat je voor hen kunt bidden, opdat Hij hen op een later moment zal kunnen redden.
Volgende week: waarom je zo'n zwaar leven hebt gehad, vanuit Gods perspectief, en meer. Tot dan, zegen,
John Fenn/AK
cwowi.org en stuur me een e-mail op [email protected]
RSS Feed